Laat het in vredesnaam een schuur zijn!

In het boek van Patti Digh (life is a verb) staan veel verhalen over haar dochtertjes. In een van die verhalen beschrijft ze een autorit. Op de achterbank maken haar kinderen ruzie. ‘It’s a barn,’roept het ene kind. ‘No, it’s a shed,’roept de andere dochter. Patti verzucht tenslotte achter het stuur:’Please, let it be a barn!’
A barn en een shed kunnen best naast elkaar bestaan in vreedzame coëxistentie. Zoals de verschillende meningen van onze schoolouders naast elkaar kunnen bestaan in vreedzame coëxistentie.
Wie op Wikipedia zoekt naar ‘vreedzame coëxistentie’ leest: `Vreedzame coëxistentie` is het beleid om ernaar te streven landen die elkaars politieke tegenstanders zijn, vreedzaam naast elkaar te laten bestaan, dus politieke conflicten niet te laten uitlopen op militaire conflicten.
Op de Waaier streven we naar een klimaat waarbinnen we verder gaan dan vreedzaam naast elkaar leven. In mijn ogen leidt dat vreedzaam naast elkaar leven anders tot een vorm van tolerantie die neigt naar onverschilligheid. Vreedzaam langs elkaar leven.
De Waaier wil een ontmoetingsplek zijn, waar kinderen vaardigheden op doen die hen sociaal-emotioneel sterk maken. De Waaier wil een samenleving zijn die kinderen leert verantwoordelijkheid te nemen, die kinderen leert hoe te leren en die de ruimte biedt om samen tot redelijke zelfstandigheid te komen. Zodat je samen je eigen plek vindt binnen deze samenleving. Met elkaar en niet langs elkaar.
Daar hebben we ouders bij nodig die weet hebben van een ‘shed’ en een ‘barn’, die tegelijkertijd samen en met de school een plek creëren waar alle kinderen vreedzaam mogen groeien.
Gelukkig zie ik er steeds meer bij ons op school rondlopen.